woensdag 19 mei 2010

Beeldverhaal Hoofdstuk 6 - Korsakoff– 1997-98

Nine Inch Nails – Closer, Grauzone - Eisbär, Life Of Agony – This Time, Rammstein – Wollt Ihr Das Bett In Flammen Sehen, Prong – Snap Your Fingers waren allemaal bands en nummers waar ik regelmatig op danste in de Korsakoff, ook liefkozend de Kors genoemd. Al sinds voor ik in Amsterdam kwam wonen was ik er vaste klant. Het is niet voor de muziek dat ik daar kwam, want ik hield eigenlijk meer van Amerikaanse Alternative, maar voor de sfeer, voor de vrijheid van verantwoordelijk tegen elkaar aanbotsen in de pogo. Ik kwam er omdat iedereen rookte en dronk, iedereen stoned was en maffe dansjes deed, omdat de meiden spannend gekleed gingen en er lui tussen het publiek stonden die waarschijnlijk al te lang op straat hadden gezworven. Ik kwam er omdat mijn aftandse kleding en hongerige blik, een honger als van vuur naar hout, niet uit de toon viel. Ik liep er tussen vreselijk arrogante mensen en gewende er vrij snel aan. Het was plezierig zo jezelf te kunnen zijn. Het duurde zeker drie jaar voor ik er iemand aansprak (Berry). Al vrij snel leerde ik meer mensen kennen. Elke zomer werden de meiden ververst met een nieuwe lichting, maar jaar in jaar uit bleef alles bij het oude, want er veranderde wezenlijk niets. Zelfde muziek, zelfde norse koppen, zelfde trotse verdedigende houding.

Dit onderwerp was voor mij een logische stap in de Grotestadslyriek. Ik zou de chroniqueur worden van mijn tijd. Ik zou de wereld omzetten in heldere duidelijke platen, zoals de modernen voor mij deden met de wereld van voor 1950. Ik wilde laten zien waar ik vandaan kwam, laten zien hoe het bloed door de stad pompte en wat voor mensen daar onder die huid huisden. Het late opblijven, de ochtend zien beginnen, in een park stoned zitten met een groep vreemden. Ik had verliefdheden, veroveringen en ruzies gekend. Ik had uitzinnige momenten beleefd en de liederlijkheid van de mens bezongen. De Korsakoff was voor een tijd de culminatie van al het echte leven. Toen ik stopte met blowen en andere drugs bleef enkel de alcohol over en dat stroomde in die plaats overvloedig. Elke stad heeft wel zo’n plek gekend. Elk dorp kende zelfs zo’n plek. De Korsakoff is veranderd en de tijden veranderen als de bedding van een rivier en dit soort commerciële vrijplaatsen verdwijnen langzaam of worden opgenomen in de echte harde maling van oog om oog en tand om etc. Ik heb er nog eens een tand stuk geslagen op het voorhoofd van iemand. Geheel per ongeluk. Ik zal de plek niet echt missen, maar wel dat gevoel van doordeweeks op een fiets springen en me even te warmen aan de waanzin van eenzame avonturiers op een dansvloer.


Korsakoff

Door de poort van donker naar donder
met zwalkende pas stoer langs goden
stenen mannen in vlees geschroeid
muren van een schitterend slangengroen
schubben in zwart-wit over de vloer geveegd
Rechts kolkt er mede met baard in glazen schedels
gegoten door Walkuren van leder en chromen nagelen
Terloops langs de wand staan ridders met maliën van hertenhaar
en gevallen heldinnen in het spoor van Freya en haar trollen

Aan het eind ontploft licht
in fragmenten lichaamsdelen
Een arm slaat de atmosfeer
Een voet schept het linoleum
Rul dragen de mensen hun lach
Het is een Pools boudoir in rook gevat
De stemmen zacht
ruisend als de radio tussen zenders
Schepen zullen zinken waar deze muziek gaat

Wij kennen hen allemaal
van horen en zeggen, van fluisteren en kijken
van het witte vlees dat als een kwal tegen de stroom indrijft
van het zwart dat niet voor begrafenissen is bedoeld
Dit is wat de ziel doet ruften van pijn
Het alleenzijn tussen anderen
Twijfel als de stank van een urinoir
Gesprekken die de slag van de maat missen
Het opdringende naakt van de machteloze

Daar is waar zij zit aan de andere kant, broedend
Een luipaard in achterdocht gehuld
Poten streng en gespierd, soms klaar om open te slaan
wanneer ze het lichaam wil losmaken van vooroordelen
een dans soepel met slome kracht, aantrekkend
al de losse mannen die geen thee kunnen zetten
en mijn lichaam dat haar soepel naspeelt
godin van die avond


Het frappante toeval wil dat mijn eerste expositie met deze schilderijen in Soundgarden was, een kroeg nauw verbonden met de Korsakoff, al was het maar door muzieksmaak en een aantal van dezelfde klanten. Het bandje dat met mij debuteerde was The Last Attraction.

Hier te zien: Blauwe lippen, Der Engel (iemand waar ik erg lang verliefd op was, waar geen contact mee was te krijgen, maar die ik nog steeds beter zou willen leren kennen), De ijzeren rijder (triomfantelijke aankomst bij de Kors), tweemaal Het laatste uur, tweemaal de Tatoeage (let op de vogel op zijn arm en op die van Blauwe lippen, een vogel van de vorige fase ‘Grotestadslyriek’ en een symbool dat ik ook lustig op school bij druktechnieken had gebruikt), Rammstein (een dame die veel indruk op me had gemaakt en nog steeds maakt als ik haar zie), enkele schetsen.

Meer schilderijen op ozymantra.nl.













Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen