donderdag 28 juni 2012

Interview Marco de Piaggi & Federico: Tentoonstelling - The Flexible and the Furious! - Radar Group




Zaterdag 30 juni om zes uur zal de architectuurexpositie The Flexible and the Furious! in Gallery Radar worden geopend. Uw razende reporter kwam op locatie kijken naar het werk in uitvoering. Voor een warm gesprek met twee van de drie leden van Radar Group, Marco de Piaggi en Federico . Het derde lid, Weronika Wawrziniak, was helaas niet beschikbaar voor een volle bijdrage maar viel soms bij. De heren zijn van Italiaans afkomst (Weronika van Poolse) en hoewel ze beide een aardig mondje Nederlands bezigden leek het ons beter dit soort moeilijke zaken in het Engels te doen. De vertaling is dan ook geheel van mijn hand. De expositie loopt tot 4 augustus.


Een stap in de toekomst

Laten we beginnen met de  moeilijke vraag: wat is de algemene richting in jullie architectuur?

Marco: We zijn geïnteresseerd in de moderne uitdagingen in onze architectuur. Dus niet in historische holle frasen.

Marco en Weronika aan het werk

Wat bedoel je daarmee?

M: Wij kijken naar de besten, maar het is niet dat we de besten imiteren. We zien architectuur als een wetenschap. Wetenschap is onderzoek. Het gaat alsmaar vooruit, leert van de fouten van gisteren, maar ontwikkelt niettemin iets nieuws. En het is hetzelfde met zowel kunst als architectuur. We zijn niet nostalgisch over architectuur.

 Federico

Wat je dus zegt is dat jullie naar de omgeving kijken, de plek waar het project moet komen, de functie van het gebouw en daar vanuit beredeneren jullie hoe het gebouw moet worden?

Federico: We proberen ons voorstel te baseren op de noden en vereisten van de competities en de cliënten. We proberen op een slimme manier te antwoorden, maar sluiten onze persoonlijk invloeden niet uit, zoals kunst bijvoorbeeld.
M: Dat is waar. De noden van de huidige mensen zijn anders dan die van twintig jaar of langer geleden. Het resultaat is uiteindelijk erg hedendaags. Er is geen specifieke vorm. We analyseren de vraag van het project. De context, de eigenheid van de plaats, de sociale behoeften en proberen dan een antwoord te geven.
F: In de opvatting van de meeste mensen heeft elke kunstenaar een… stijl. Voor mij en ook voor de anderen van ons is dat zeker niet het juiste woord om onze architectuur te definiëren. Er is alleen het project en wij proberen een antwoord te geven.
M: Natuurlijk, om niet hypocriet te willen zijn moet ik zeggen dat we naar een taal kijken. En deze taal is… Als we kijken naar hedendaagse architectuur in films, tijdschriften en op internet houden we erg van OMA (Rem Koolhaas) en Sanaa van Kazuyo Sejima & Ryue Nishizawa en Herzog & Demeuron. Ieder heeft een geheel andere taal, maar werkt ook met een hedendaagse benadering. Deze grote namen hebben een taal, maar niet een echte… STIJL.



Dus het is een soort constructivisme waarin je het gebouw construeert uit allerlei invloeden, met als uitgangspunt de noden van het project?

F: Als identiteit zijn we nog steeds onder constructie. We weten niet eens zeker of het nodig is om zo’n sterke identiteit te hebben. Dat we naar onze tijdgenoten en het verleden kijken betekent nog niet dat hun taal de onze is. Het is alleen een voorbeeld van hoe een project van een competitie of cliënt opgelost kan worden. En dan besluiten we aan de hand van onze interesses in architectuur en in kunst. Vooral Weronika is in dat laatste nog meer onderlegd dan wij.

Er zijn andere meer ingewikkelde en gecompliceerde onderdelen: hoe mensen willen leven en bewegen…


M: Probeer te begrijpen dat we met zijn drieën zijn en dat al de inbreng, van wat de cliënt wil, onze artistieke interesses, de vereisten van de plaats en het gebouw, door ieder apart moet worden overwogen. Dus hoe het gebouw tot stand komt is iets dat we niet zo makkelijk kunnen vertellen. Dat is waarom hedendaagse architecten schema’s en grafieken gebruiken. We proberen op die manier het proces rationeel en inzichtelijk te maken. Voor mij is het belangrijk dat het begrijpelijk is. Het is een manier om… (Marco vraagt het in Italiaans aan Weronika) nederig te zijn. Bescheiden!


 Als we naar de afbeeldingen  hier aan de muur kijken kan ik wel een bepaalde gemeenschappelijke vorm in de esthetiek herkennen.
F: Je bedoelt dat je een soort van overeenkomstige houding kan zien in de projecten? Ik denk dat we op dit moment erg gelijk zijn in hoe we het algemene uiterlijk benaderen. We discussiëren meer over de strategie van het gebouw, van de binnenkant. Daarna hebben we het natuurlijk pas over of een raam blauw of een andere kleur moet hebben. We komen daarin erg overeen. Ik zie geen sterke verschillen tussen ons.

M: Maar aan elk project, elk beeld dat je hier ziet gaan eindeloze discussies en een soort van worstelen met elkaar vooraf. En dat maakt een project moeilijk, want we praten er soms dagen over zonder echt iets te doen. We hebben eigenlijk van de Nederlanders geleerd na bijvoorbeeld vijf dagen praten daarmee te stoppen en iets te gaan doen.

Het is tijd voor de laatste vraag. Wat is jullie gedachte achter de tentoonstelling?

M: De tentoonstelling is een soort retrospectief van de laatste zeven projecten die we afgelopen drie jaar hebben gemaakt. We begonnen zonder een helder idee van wat we aan het doen waren. We benaderden elk project op een andere manier. Na drie jaar besloten we te stoppen om te kijken wat we hadden gedaan en wat de verbinding was tussen de projecten. Hier hangt wat we hebben geleerd. Zo zijn we bewuster geworden van wat we aan het doen waren. We vonden twee belangrijke punten die als een soort draden door ons werk trokken. Je ziet hier op de muur ook de draden die de projecten met elkaar verbinden aan de twee belangrijke ideeën: Flexibiliteit en Aanpassingsvermogen. Dit komt voort uit de reflectie dat in de maatschappij deze twee begrippen zo algemeen zijn geworden. Ik kan me niet herinneren dat ik tien jaar geleden zo vaak met ze ben geconfronteerd. Misschien waren ze er wel, maar niet zo modieus als tegenwoordig. In Amsterdam zijn er bijvoorbeeld mensen… zwervers… Hoe zeg je dat in het Engels? Clochards? (Ik moet even lachen. Je eigen taal niet spreken is niet makkelijk). Zwervers die elke twee of drie maanden van huis wisselen. Mensen verhuizen de hele tijd. Van Beijing naar Amsterdam en verder. Architectuur is niet immuun voor deze begrippen.

Flexibiliteit zit in het gebouw. Aanpassingsvermogen  gaat over waar het project wordt geplaatst. Zoals dat bijvoorbeeld hetzelfde project op dezelfde tijd in Amsterdam of Beijing kan worden gebouwd.
F: Of zelfs in dezelfde plaats…

Dus dit gaat net alleen over jullie eigen lessen, maar ook over het tonen aan bezoekers wat jullie hebben geleerd?

F: Wat we hebben ontdekt dat veel voorkomt in onze projecten kan er ook weer uit verdwijnen. Misschien zie je het wel nooit meer terug.

M: Maar wat we in deze analyse hebben gevonden is dat we werken vanuit de maatschappij. Ik denk dat de maatschappij onze gedachten en projecten leidt. Natuurlijk denk ik dat flexibiliteit en aanpassingsvermogen onze basis zal blijven. Misschien waren we onbewust naar deze woorden geleid, maar nu zijn we er bewust van.


De tentoonstelling is een stap in de toekomst?

M: Ja!

Het lijkt mij dat dit dan het interview beëindigt, nietwaar?

M: Maar wacht, ik heb het nog niet eens over het belangrijkste gehad! (gelach)

Oké, Marco, wat is dan het belangrijkste?

M: Het belangrijkste in onze architectuur is de natuur. De meeste moderne en hedendaagse architectuur gaat over de hoogste wolkenkrabbers en zaken zonder hart. Met ons is dat geheel anders! Voor mij is natuur hetzelfde als architectuur. Dit is een verhaal dat ik altijd graag vertel: In het begin van de mensheid leefden we zonder schuilplaats en toen gingen we leven in grotten. En we dachten: dit is heel leuk, hier is geen regen, niemand kan onverwacht binnen komen. En toen bouwden we een huis in een boom en imiteerden we de grot in de boom. Snap je? Dat is nog steeds van belang in architectuur. Het is een imitatie en abstractie van de natuur. Het bouwen van een schuilplaats is de belangrijkste taak van de architect. Maar dan met de hedendaagse taal, toegepast op de noden van de tegenwoordige maatschappij. Ik leerde dat van Picasso. Hij zag tekeningen in een grot en deed iets overeenkomstig, maar dan op een voor hem moderne manier. Ik wil de mensen niet bang maken met grote wolkenkrabbers of vreemde vormen. Ik zou het vreselijk plezierig vinden als iedereen het gewoon zou begrijpen en leuk vinden.



Impressies van de opening





Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen