donderdag 21 juni 2012

Interview: Marco Rump - Expositie Formalisme.nl


Tussen 20 juni en 18 juli exposeert de kunstenaar Marco Rump in De Oude Kerk zijn schilderijen. De opening vindt zondag 24 juni plaats, tussen 14.00 en 17.00. Uw razende reporter en de kunstenaar hadden een tête à tête in de sfeervolle Spiegelkamer van De Oude Kerk, over wat hem in zijn kunst bezighoudt.



Wat is de kerngedachte achter je werk?

Ik wil mijn werk zoveel mogelijk zichzelf laten zijn. Dat het helemaal gaat over hetgeen mijn werk is en helemaal niets anders suggereert of probeert te zijn dan wat het is. En in het geval van schilderijen is dat alle formele aspecten waar een schilderij over gaat, dus verf, de afmetingen, de vorm van de drager. Dat soort zaken. De drager gaat over de drager, de verf gaat over de verf. Goed, als de verf over de drager zit, dan zie je niet zoveel van de drager, maar ik probeer al dat soort dingen van begin af aan opnieuw te benaderen. Zo van wat is het eigenlijk en wat kun je er mee, en dan vooral in de zin van wat het IS.

De kunstenaar zelf in actie


Een soort tabula rasa benadering?

In de zin dat in de geschiedenis schilderijen vooral zijn gebruikt om iets te vertellen. Dat probeer ik zoveel mogelijk te vergeten en zo opnieuw iets te maken dat helemaal vrij is. Daarom is een schilderij ook interessant, want dat kan helemaal vrij zijn. Een object heeft een constructie nodig om rechtop te blijven staan en dat soort dingen, wat in principe ook met een formele benadering gedaan kan worden, maar een schilderij is in mijn ogen het meest vrije esthetische object dat er is.

Je benadert alle aspecten van de verf, maar ik zie dat je vaak in heel dikke lagen schildert. Is dat een voorkeur van jou of denk je dat je ook heel dun zou kunnen werken?

Dat zou kunnen, maar als je heel dunne verf gebruikt dan is het heel moeilijk om het over verf te laten gaan. Waarschijnlijk zal het dan meer over de drager of de ondergrond gaan. Dat kan prima, maar dat is weer een ander ding. Dat is waarom ik van die hele dikke lagen verf heb waardoor de ondergrond helemaal verdwijnt. Dan gaat het ook echt alleen over verf.



Ik zie op deze tentoonstelling dat je als drager vooral vierkanten hebt, maar ik weet dat je ook andere vormen hebt gedaan.

Ik vind het vierkant heel interessant omdat het zo dwingend is. Als je iets wil naschilderen buiten het schilderij (een landschap b.v. – Ozy)  is het heel toevallig dat het perfect vierkant is. Dat vind ik interessant. Bij andere series is het doek rechthoekig. Dan is de hoogte en breedte bepalend voor wat er in het beeld gebeurd. Zoals wanneer een kwart cirkel wordt getrokken over de hoogte van het doek, dan beslaat dat ook een bepaald gedeelte van de lengte van het doek. Dat brengt automatisch weer een aantal andere punten of lijnen in het doek. En het is ook weer heel logisch dat die lijnen gekozen zijn, want die komen weer voort uit het feit dat het doek zo hoog is. Soms krijg je daar ineens heel spannende composities door. Maar dat is dan eigenlijk toevallig. Het is niet dat ik een compositie bedenk en dat ik daar een formaat doek bij zoek.



Dus je werkt echt vanuit het doek naar het schilderij?

Ik stel van tevoren een aantal dingen vast. Wat ik over het algemeen het meest kies zijn de kleuren van het schilderij en het aantal kleuren. Bij deze series zijn dat vier kleuren, met als klein uitstapje vijf. Wit als extra element. Dan is meestal de opdeling van het beeld het getal vier en ook het getal vijf omdat dat het aantal tussenruimtes tussen de kleuren zijn. Overigens is het ook zo dat het vierkant weer met die vier kleuren te maken heeft. Op zo’n manier zoek ik associaties bij elkaar zodat het nog meer kloppend wordt en ook voelt. Het hoeft niet precies te kloppen, maar ik vind het wel belangrijk dat er een soort logica in wordt herkend. De mensen hoeven niet het aantal kleurtjes te tellen, maar het zal logisch voelen ten opzichte van een aantal andere keuzes. Met vier kleuren is het tellen natuurlijk snel gedaan, maar ik heb ook met zeven kleuren gewerkt en dan wordt het anders.



 Hoe lang ben je al met schilderen bezig?

Ik vind dat ik sinds 1995 bezig ben, want toen studeerde ik af van de tekenopleiding en ben ik eigenlijk aan de denktrant begonnen waar ik nu nog steeds mee bezig ben. Zo’n beetje mei-juni 1995. Daarna heb ik Handvaardigheid gedaan en heb gelijk dat idee in 3D toegepast. Het was een hele vrije periode om daar zo mee bezig te zijn. Vanaf dat moment heb ik eigenlijk niks anders gedaan.

Wat zijn je invloeden?

De belangrijkste persoon is wel Imi Knoebel. Ik denk dat hij het doet zoals ik het ook doe, maar dan ieder op zijn eigen manier. Hij geeft ook niets anders weer dan wat de schilderijen zijn. Hij heeft bijvoorbeeld hele opstellingen gemaakt met alleen spielatten, waardoor hij dan de schilderkunst benadrukt.

Waarin zijn jullie anders?

Hij is in de zeventig, dus er is een generatieverschil. Hij heeft de abstractie van het schilderij meegemaakt in de jaren vijftig zestig en ik denk dat hij daarom veel meer met de traditie van het schilderij bezig is geweest. Hij heeft het schilderij eigenlijk vrij gemaakt samen met die hele lichting, zoals Gerhard Richter en Günther Förg en Blinky Palermo, vooral Duitsers eigenlijk. Die zijn belangrijker voor mij geworden dan de Abstract-expressionisten zoals Barnett Newman en Rothko. Wat zij doen wordt eerder informele kunst genoemd. Dat gaat meer over de persoon en persoonlijke expressie. Het gaat met die Duitsers en mij helemaal niet daarom. Het gaat mij helemaal niet om mij, maar om het werk. Dus Imi Knoebel en het Bauhaus-denken, zoals Form follows function, die hele praktische benadering. Mijn werk heeft ook veel met vormgeving te maken, zoals de inbusboutjes aan de zijkanten van de doeken in het aluminium.

Het grote verschil is dus dat jij eigenlijk alles onmiddellijk helemaal op de schop gooit en Knoebel moest helemaal hier naartoe werken?

Ik denk dat als je in die tijd opgroeide je veel meer moest verdedigen waarom je abstracte kunst maakte.

Er is dus geen formeel verschil tussen jou en hem?

Als ik naar zijn werk kijk dan had ik die ook kunnen maken. (gelach) Voor mijn gevoel, niet dat ik zo goed ben, maar in de zin hoe we het benaderen en dat we daarin praktisch hetzelfde zijn. Daarom werden mijn ogen ook zo geopend toen ik zijn werk zag. Maar hij gebruikt heel andere kleuren, hij gebruikt heel andere principes.



De interne logica is bij hem dan anders bij jou?

Ja. Iedereen die formele kunst gaat maken doet dat met zijn eigen logica, dus wat dat betreft worden dingen altijd weer overnieuw gemaakt en zijn ze ook echt anders.

In zekere zin is dat dan toch een persoonlijk ding dat er overblijft?

Absoluut. Het is meer dat het er bij mij niet over gaat dat ik dat wil uitdragen. Je moet toch die kleuren kiezen en hoe bewust je dat ook probeert te doen, er spelen altijd onbewuste dingen mee. Dat wil ik ook zeker niet ontkennen. Ik ben ook nog steeds een groot bewonderaar van Barnett Newman en dat soort kunstenaars.

Heb je een doel in gedachte met je werk?

Een specifiek doel heb ik dus niet. Ik wil graag het werk zichzelf laten zijn.

Verpakkingsmateriaal door de kunstenaar gemaakt


Hoe verhoudt je kunst zich tot de rest van de wereld?

Niet, dus.

Je zegt niet, maar het is soms net alsof, als iemand een landschap schildert hij een verhaal toevoegt. Een met het werk van jou en bijvoorbeeld Anish Kapoor is het alsof jullie de letters zelf maken.

Dat wij de esthetiek van het font maken? Daar zit wat in. Ik zeg trouwens dat mijn werk zich niet tot de wereld verhoudt, de schilderijen an sich niet, maar de expositie die ik maak verhoudt zich nadrukkelijke tot deze kerk. Als ik zo’n expositie maak is dat ook mijn kunst en is het een ding an sich dat zich verhoudt tot waar het staat.

Wat trekt je in het exposeren bij de Oude Kerk?

Er is hier traditie en er zijn gedachtegangen die daar verband mee hebben. Wat ik heel mooi aan deze kerk vind is dat het een Protestantse Kerk is, of is het gereformeerd? Wat ik vooral belangrijk vind is dat het niet Katholiek is. (gelach) Want dat vind ik heel mooi bij mijn werk passen. Qua gedachten… Ik bedoel niet dat ik iets met godsdienst heb, maar die manier van denken, dat je het in de letter zoekt en niet in het grote gebaar, dat past natuurlijk beter bij mijn werk dan de tierlantijntjes die ik anders zou kunnen maken.

 
 Youtube opbouw expositie door M.Ozymantra


Die mooie gebrandschilderde ruiten en de weerspiegeling van de zon op de vloer sluit dan wel weer mooi op jou werk aan.

Ja, maar alleen door de kleureffecten en niet door wat er in die ramen uitgebeeld wordt. Dat is zeker iets. Ik maak geen schilderijen om mensen chagrijnig te maken. Wat ik ook echt interessant vind is dat de kerk een stuk cultuur en geschiedenis is, in mijn ogen is die godsdienst passé, en dat ik daar iets aan mag toevoegen voor twee en een halve week dat vind ik bijzonder. Ik ben een totale atheïst en dat ik in zo’n kerk mag hangen had misschien dertig jaar geleden niet gekund. Zo gaan we tenminste vooruit.



Foto's: M. Ozymantra
Schilderijen: Marco Rump
Achtergrond: De Oude Kerk
Cameo: Jan Mevius, Sweelinck



Impressies van de opening op 24 juni

 Met live semi-akoestisch optreden van Labasheeda.








Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen